Gerard van Unen, directeur zorg volwassenenpsychiatrie bij Parnassia Noord-Holland, roept op om verder te kijken dan de eigen organisatie en het eigen domein. ‘Kom uit je comfortzone en durf samen te werken voor een inclusievere samenleving waarin niemand tussen wal en schip belandt.’
Wat is volgens u de grootste uitdaging als het gaat om onbegrepen gedrag in de wijk?
‘De kern ligt in preventie en vroeg signalering. Te vaak wordt pas in actie gekomen als de situatie escaleert en mensen in een psychiatrische crisis belanden. We kijken direct naar specialistische GGZ, terwijl de oplossing vaak in een veel eerder stadium ligt. We hebben – in overeenstemming met het Integraal Zorgakkoord – ook meer laagdrempelige plekken in buurten en wijken nodig, waar mensen binnen kunnen lopen voor een kop koffie of een luisterend oor. Dat soort ontmoetingen kunnen escalatie voorkomen.’
Hoe kunnen we die aanpak realiseren?
‘We moeten af van de hokjesgeest waarin iedere organisatie alleen naar haar eigen taken kijkt. Ik pleit voor een echt integrale aanpak, waarbij GGZ, GGD, woningbouwcorporaties, politie, sociale wijkteams en andere sociale partners elkaars krachten benutten. Bijvoorbeeld door teams samen te stellen die concreet samenwerken op wijkniveau. En ja, dit vraagt om lef: durven we onze trots en bestaande structuren los te laten en ons als partners op te stellen, en hebben onze medewerkers het mandaat om elkaar voortdurend op te zoeken en te helpen?’
Waar ziet u concrete kansen?
‘Neem de sociale wijkteams. Zij hebben veel meer praktisch organiserend vermogen dan de GGZ. Hoe vaak zie je niet dat mensen verdwalen in de hoeveelheid loketten voor toeslagen of ondersteuning? Door intensiever samen te werken, kun je die stressfactoren aanpakken, voordat ze uitmonden in een depressie of andere problemen. Een simpel voorbeeld: een zwembadabonnement vergoed krijgen, zodat een gezin geen extra geldstress heeft. Dit lijkt klein, maar het maakt een enorm verschil. Luister dus beter naar waar mensen om vragen en zie daarbij kansen bij samenwerkingspartners. Dan kan het zo maar zijn dat schuldhulpverlening beter past dan een psychiatrische behandeling. En mocht dat laatste toch nodig zijn, dan moeten wij vanuit de GGZ daar flexibel op in kunnen spelen. Bij Parnassia Noord-Holland ontwikkelen we nu nieuw zorgaanbod in onze regio dat hierbij past.’
Wat vraagt dit van bestuurders?
‘Het begint bij leiderschap. Het al dan niet slagen van dit soort samenwerkingsverbanden is afhankelijk van het lef van bestuurders. Zij moeten zeggen: ‘We verlaten ons eigen eiland en verhouden ons tot elkaar als partners.’ Dat moet je op bestuurlijk niveau bekrachtigen omdat je anders op de werkvloer steeds de vraag houdt: ‘Wie is waarvan en tot waar mag ik gaan?’ Kijk naar voorbeelden zoals de Ruwaard in Oss, waar men een gezamenlijk budget tot de beschikking had en slechts een paar simpele afspraken over de onderlinge samenwerking maakte. Het resultaat? Goede kwaliteit van zorg en een hogere tevredenheid in de wijk, maar tegen veel lagere kosten. We hebben hier niet persé nieuwe proeftuinen of pilots voor nodig. Dan liever samen de focus op het structureel verankeren van al beproefde werkwijzen op wijk- en buurtniveau elders. Ik denk dat regio Zaanstreek-Waterland hier ook echt klaar voor is.’
Wat is uw boodschap aan andere organisaties en beleidsmakers?
‘Durf hulp te vragen van je partners bij deze gezamenlijke maatschappelijke opgave. We kunnen het niet alleen, zeker niet nu de krapte op de arbeidsmarkt toeneemt. Laat je vooral niet verlammen door bestaande structuren, maar kijk naar wat wél kan. En naar wat de ander beter kan dan jijzelf. Als je eenmaal elkaars kracht ziet, kun je zoveel meer bereiken.’

De regionale kenniswerkplaats onbegrepen gedrag Zaanstreek/Waterland is een praktijkgerichte leer-werkplaats waarin we kennisdeling en samenwerking stimuleren in situaties rondom onbegrepen gedrag. Hierbij verbinden we ervaringskennis, professionele praktijkkennis en wetenschappelijke kennis. Vaak hangen meerdere zaken met elkaar samen, zoals eenzaamheid, financiële problemen en huisvestingsproblematiek. Dat geldt dan ook voor de oplossing; daarover buigt de kenniswerkplaats zich.